Een toezegging van een gemeenteambtenaar om niet te handhaven. Mag de burger daarop vertrouwen?

Een toezegging van een gemeenteambtenaar om niet te handhaven. Mag de burger daarop vertrouwen?

De gemeente had de eigenaar van de woning aangeschreven en gesommeerd om het dakterras te verwijderen op straffe van verbeurte van een dwangsom, omdat de eigenaar daar geen omgevingsvergunning voor had verkregen. De eigenaar van de woning kon zich in de sommatie om het dakterras te verwijderen niet vinden, omdat ambtenaren tegen de voormalige eigenaren van de woning hadden gezegd dat zij niet handhavend zouden optreden. De vraag is of de eigenaar van de woning mag vertrouwen op de toezegging van de gemeenteambtenaar.

Het bovenstaande voorbeeld komt uit een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling heeft in de uitspraak drie criteria geformuleerd rondom het vertrouwensbeginsel in het bestuursrecht. Voor een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel moet een burger aantonen dat er sprake is geweest van een aan het bestuursorgaan toe te rekenen, concrete, ondubbelzinnige toezegging, gedaan door een daartoe bevoegd persoon, waaraan rechtens te honoreren verwachtingen kunnen worden ontleend. Uit de praktijk blijkt dat burgers bijna nooit een geslaagd beroep kunnen doen op het vertrouwensbeginsel. In deze zaak lukte dat echter wel. Aan de hand van de in de uitspraak genoemde drie criteria, moet een beroep op het vertrouwensbeginsel vanaf nu worden beoordeel aan de hand van de drie volgende stappen:

Stap 1: Kan de uitlating of gedraging gekwalificeerd worden als een toezegging?

De vraag is simpel gezegd of er sprake is van een toezegging. De toezegging moet zijn toegesneden op een concrete situatie en mag dus niet te algemeen zijn. De Afdeling vindt dat meer dan voorheen de nadruk moet worden gelegd op hoe een uitlating bij een redelijk denkende burger overkomt en minder op wat het bestuursorgaan daarmee bedoelde. Het is van belang dat de burger te goeder trouw is. Er kan geen geslaagd beroep worden gedaan op het vertrouwensbeginsel indien de burger besefte of had moeten beseffen dat de uitlating van de ambtenaar ging over een beslissing die buiten de bevoegdheid van het bestuursorgaan lag, of anderszins in strijd was met de toepasselijke rechtsregels. De (on)deskundigheid van de burger kan een rol spelen bij de vraag of de uitlating gekwalificeerd kan worden als een toezegging. De Afdeling oordeelde dat er sprake was van een welbewuste standpuntbepaling dat niet handhavend tegen het dakterras zou worden opgetreden.

Stap 2: Kan de toezegging aan het bevoegde bestuursorgaan worden toegerekend?

Bij beantwoording van de vraag is het van belang wie de uitlating heeft gedaan. Een receptioniste van de gemeente die zich uitlaat over een omgevingsvergunning zal niet snel voldoen aan het vereiste dat de uitlating is gedaan door een bevoegd persoon die kan worden toegerekend aan de gemeente. Dezelfde uitlating, maar dan van de inspecteur Bouw- en Woningtoezicht kan echter wel gezien worden als een uitlating van een bevoegd persoon.

Als voorbeeld van een toezegging die kan worden toegerekend aan de gemeente noemt de Afdeling de wethouder met een bepaalde portefeuille, die de indrukt wekt dat hij namens het college spreekt en op zijn beleidsterrein een toezegging doet, terwijl het voor de burger niet eenvoudig kenbaar is dat deze wethouder daartoe niet bevoegd is.

De Afdeling oordeelde in deze zaak dat de voormalige eigenaren van de woning mochten veronderstellen dat die ambtenaren de opvatting van het college vertolkten. De Afdeling betrekt hierbij dat de beide ambtenaren, van wie de Afdeling aanneemt dat zij belast waren met het toezicht op (handhaving van) dakterrassen dan wel met het beleid inzake (de handhaving van) dakterrassen, verklaarden dat tegen oude dakterrassen niet zou worden opgetreden. Verder acht de Afdeling het van belang de dat de gemeente 25 jaar niet heeft gehandhaafd, ondanks het feit dat de gemeente op de hoogte was van het dakterras.

Stap 3: Een afweging van belangen van de burger, derden en de gemeenschap

Bij stap 3 dient er nog een belangenafweging plaats te vinden. De belangen kunnen zijn gelegen in strijd met de wet, het algemeen belang en meer specifiek, veel voorkomend in het omgevingsrecht, belangen van derden. De Afdeling overweegt in dit verband dat het algemeen belang dat gediend is bij handhaving in zijn algemeenheid weliswaar zwaar weegt, maar, indien een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel wordt gedaan, niet doorslaggevend hoeft te zijn. In dit geval is de Afdeling van oordeel dat is niet is gebleken van zwaarder wegende belangen, zoals bijvoorbeeld belangen van buren, dan het belang van de eigenaar bij het behoud van het betreffende dakterras.

In deze zaak werd aldus met succes een beroep op het vertrouwensbeginsel gedaan, waardoor het dakterras dat al 25 jaar aanwezig was, en zoals de nieuwe eigenaar het drie jaar geleden had gekocht, mocht blijven. Deze uitspraak zorgt ervoor dat de eerste twee stappen wat eerder dan voorheen kunnen worden genomen en dat de nadruk meer op de derde stap komt te liggen. De belangenafweging krijgt dus een grotere rol binnen het vertrouwensbeginsel. De verwachting is dat de bestuursrechter eerder dan voorheen tot de slotsom kan komen dat er sprake is van toerekenbare toezegging.

Wil de gemeente ondanks een toezegging van een gemeenteambtenaar of een wethouder bij u gaan handhaven? Ik adviseer u graag over uw (juridische) mogelijkheden.

Jolanda Mulder – Bout Advocaten

 

 


Heeft u een vraag over dit onderwerp of bent u bent benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen? Neem dan gerust contact op.

Gerelateerde blogs

Mag u als niet-eigenaar van een pand toch een omgevingsvergunning aanvragen voor uw bouwplan?

Bekijk alle blogberichten

Zo kan het dus ook

Waarom Omnius?

Rechtzoekenden verwachten transparantie, servicegerichtheid en duidelijkheid over tarieven. Omnius voldoet aan die behoeften en maakt de juridische dienstverlening voor een brede groep ondernemers en particulieren toegankelijk.

Om u te voorzien van het beste advies werkt Omnius volgens de formule van trapsgewijze juridische hulp. Eerst legt u de hulpvraag kosteloos en vrijblijvend voor aan de intakebalie. Dat kan zeven dagen per week. Samen zoeken we naar het beste antwoord op uw vraag. Soms volstaat een digitale oplossing. Een andere keer is het beter om een advocaat in te schakelen. Verwacht altijd duidelijkheid over afspraken en tarieven.

  • 7 dagen per week bereikbaar

    Ook ’s avonds en in het weekend
  • Omnius Keurmerk

    Uw garantie voor service en kwaliteit
  • Juridische hulp in elke situatie

    Van eerstelijns advies tot bijstand van een gespecialiseerde advocaat
  • Overal in Nederland

    Het grootste juridische netwerk van Nederland met 350 advocaten
  • Als beste beoordeeld

    Op basis van 1784 beoordelingen van door ons geholpen rechtzoekenden

Over ons

Met onze vooruitstrevende diensten en digitale oplossingen willen we het verschil maken in de – soms nog ouderwetse – juridische branche. De Omnius-formule heeft ervoor gezorgd dat we zijn uitgegroeid tot het grootste en meest succesvolle advocatennetwerk van het land.

Met ruim 200 advocaten en meer dan 60 aangesloten kantoren, is Omnius het grootste advocatennetwerk van Nederland. Om de kwaliteit te waarborgen en de rechtzoekende ervan te verzekeren dat we onze beloftes nakomen, hebben we het Omnius Keurmerk in het leven geroepen. Het hoofdkantoor is te vinden in Utrecht, waar zo’n 45 medewerkers hun best doen om u te voorzien van de beste juridische hulp.

Er zijn advocaten gevonden.

Klik hier voor de resultaten.