Geen verplichting voor de werkgever om een dienstverband met een langdurig arbeidsongeschikte werknemer op te zeggen?

Sinds 1 juli 2015 is de werkgever conform artikel 7:673 lid 1 sub a BW aan een langdurig arbeidsongeschikte werknemer, waarvoor geen loondoorbetalingsverplichting meer geldt bij ziekte, ook een transitievergoeding verschuldigd, bij een opzegging van de arbeidsovereenkomst met de zieke werknemer.

Voorheen was er bij langdurige arbeidsongeschiktheid in beginsel geen vergoeding verschuldigd, tenzij kort gezegd de werkgever zijn re-integratie verplichtingen had geschonden dan wel de werknemer door of vanwege het werk arbeidsongeschikt was geworden.

Gezien de wijziging van het ontslagrecht per 1 juli 2015, hebben meerdere werkgevers ervoor gekozen om het dienstverband met hun zieke werknemer na de loondoorbetalingsverplichting te laten voortduren, zelfs indien er geen invulling meer kan worden gegeven aan het dienstverband vanwege het ontbreken van een passende functie. Het voordeel hiervan voor de werkgever is dat de werkgever geen transitievergoeding verschuldigd is. Immers, de arbeidsovereenkomst wordt niet opgezegd, ontbonden of niet voortgezet. Het nadeel voor de werkgever is dat de zieke werknemer, zodra sprake is van herstel, weer de eigen functie kan claimen bij de werkgever.

Zieke werknemers hebben geprobeerd om alsnog een (transitie)vergoeding af te dwingen bij de kantonrechter door te stellen dat het in strijd is met het goed werkgeverschap om een ‘slapend’ dienstverband in stand te houden.

In zowel een uitspraak bij de kantonrechter Gouda (21 oktober 2015, AR 2015-1095) als bij de kantonrechter Rotterdam (6 november 2015, AR 2015-1181) is geoordeeld dat op de werkgever geen verplichting rust om een arbeidsovereenkomst te beëindigen.

In de zaak bij de kantonrechter Gouda had de werknemer op grond van artikel 7:686 BW een vergoeding gevoederd ter hoogte van de transitievergoeding, door te stellen dat de werkgever tekort is geschoten in zijn verplichting om zich als goed werkgever te gedragen door een inhoudsloos dienstverband in stand te houden. De kantonrechter overweegt dat er op basis van de arbeidsovereenkomst geen verplichting bestaat om de arbeidsovereenkomst te eindigen. Indien de werknemer een transitievergoeding wenst te ontvangen, zal hij op grond van artikel 7:673 lid 1 sub b BW om een ontbinding moeten vragen vanwege ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever.

In de zaak bij de kantonrechter Rotterdam had de werknemer verzocht om een veroordeling van de werkgever tot het opzeggen van haar arbeidsovereenkomst conform artikel 7:669 lid 3 onderdeel b BW. De werknemer stelt dat deze veroordeling gerechtvaardigd is omdat het in strijd is met het goed werkgeverschap door haar eerst een beëindigingsvoorstel te doen en uiteindelijk van de beëindiging af te zien, enkel en alleen om onder de transitievergoeding uit te komen. De kantonrechter overweegt dat de werkgever niet gerechtelijk tot een opzegging gedwongen kan worden. Het is ter vrije bepaling van de werkgever om een dienstverband al dan niet in stand te houden. Indien werknemer toch een beëindiging wenst af te dwingen, moet zij volgens de kantonrechter op grond van artikel 7:671c BW verzoeken om een ontbinding en een billijke vergoeding vorderen op grond van het slecht werkgeverschap.

Uit deze twee uitspraken blijkt dat de werkgever niet kan worden gedwongen om een arbeidsovereenkomst met een langdurig zieke werknemer op te zeggen, ook al kan er geen invulling meer worden gegeven aan het dienstverband. Wel staat het de werknemer vrij om te verzoeken om een ontbinding, onder toekenning van een transitievergoeding op grond van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever dan wel onder toekenning van een billijke vergoeding omdat er in strijd is gehandeld met het goed werkgeverschap.

De vraag zal zijn of het in stand houden van een arbeidsovereenkomst met een langdurig zieke werknemer als ernstig verwijtbaar gedrag kan worden bestempeld dan wel als gedrag dat in strijd is met het goed werkgeverschap. Ik verwacht dat dit slechts in uitzonderlijke situaties het geval zal zijn. Immers, het uitgangspunt is dat de werkgever zelf kan bepalen of een arbeidsovereenkomst wordt beëindigd. Tegenover het nadeel van de werknemer van het niet uitbetaald krijgen van een transitievergoeding staat het voordeel dat de werknemer bij herstel weer de eigen functie kan claimen. Het behouden van dit voordeel, lijkt mij niet snel leiden tot ernstig verwijtbaar gedrag aan de zijde van de werkgever dan wel gedrag dat in strijd is met het goed werkgeverschap. De toekomst zal echter uit moeten wijzen hoe hiermee wordt omgegaan door (kanton)rechters.


Heeft u een vraag over dit onderwerp of bent u bent benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen? Neem dan gerust contact op.

Gerelateerde blogs

Compensatieregeling transitievergoeding; Nopen maatschappelijke ontwikkelingen tot het beëindigen van slapende dienstverbanden?

Bekijk alle blogberichten

Zo kan het dus ook

Waarom Omnius?

Rechtzoekenden verwachten transparantie, servicegerichtheid en duidelijkheid over tarieven. Omnius voldoet aan die behoeften en maakt de juridische dienstverlening voor een brede groep ondernemers en particulieren toegankelijk.

Om u te voorzien van het beste advies werkt Omnius volgens de formule van trapsgewijze juridische hulp. Eerst legt u de hulpvraag kosteloos en vrijblijvend voor aan de intakebalie. Dat kan zeven dagen per week. Samen zoeken we naar het beste antwoord op uw vraag. Soms volstaat een digitale oplossing. Een andere keer is het beter om een advocaat in te schakelen. Verwacht altijd duidelijkheid over afspraken en tarieven.

  • 7 dagen per week bereikbaar

    Ook ’s avonds en in het weekend
  • Omnius Keurmerk

    Uw garantie voor service en kwaliteit
  • Juridische hulp in elke situatie

    Van eerstelijns advies tot bijstand van een gespecialiseerde advocaat
  • Overal in Nederland

    Het grootste juridische netwerk van Nederland met 350 advocaten
  • Als beste beoordeeld

    Op basis van 1784 beoordelingen van door ons geholpen rechtzoekenden

Over ons

Met onze vooruitstrevende diensten en digitale oplossingen willen we het verschil maken in de – soms nog ouderwetse – juridische branche. De Omnius-formule heeft ervoor gezorgd dat we zijn uitgegroeid tot het grootste en meest succesvolle advocatennetwerk van het land.

Met ruim 200 advocaten en meer dan 60 aangesloten kantoren, is Omnius het grootste advocatennetwerk van Nederland. Om de kwaliteit te waarborgen en de rechtzoekende ervan te verzekeren dat we onze beloftes nakomen, hebben we het Omnius Keurmerk in het leven geroepen. Het hoofdkantoor is te vinden in Utrecht, waar zo’n 45 medewerkers hun best doen om u te voorzien van de beste juridische hulp.

Er zijn advocaten gevonden.

Klik hier voor de resultaten.